Gedicht van Staring

STARING.

Een dichtwerk van Staring dat dagtekent uit ’s dichters studententijd te Harderwijk, en is dus waarschijnlijk een zijner eersteling, doch getuigt reeds van zijn spelend vernuft en meesterschap over de taal.

WELEDEL GEBOREN HEER BRUIDEGOM!

WELEDELE JONKVROUWE BRUID!

MIJNE HOOGGEeRDE OOM EN NICHT!

*******************

De blijde Lente lacht ons aan

——————————————-

Dat ’s fout; ’t is Herfst…..Ik moet een blaadje verder gaan.

Ligt is het volgend meer geschikt om ’t na te schrijven;

De schoone Couck, die koel en fier

De maagden vrijheid hield zoo dier.

Zoo ‘k nu dien Coucksen naam voor Staring uit kon wrijven?-

Maar neen, dat lukt ook niet – dan wierd de regel lam. –

Patiente! – Zoo ik nu eens deze bladzij nam? –

‘k Moet eindelijk toch mijn gading vinden! –

Zoo. ‘k Zeid’ het wel – daar staat: Het Echtverbond,

Verzegeld op haar’ rozemond,

Met kussen, die nog zoeter zijn

Dan honigzeem en ambrozijn.

Hier vloeit een hemel –nectar – stroom,

Ginds bruist een zee van melk en room. –

Maar om dat lekkers nu in orde naam te binden! –

Als ik het zóó eens dee? – dan deugt het niet een zier!

Of zóó – dan klinkt mijn deun net als een kermislier!

Wat bittre toestand, lieve Vrinden!

Helaas! ’t Middagklaar! – gij ziet –

Ik kan de schoone greep van trouwvers maken niet!

’t Zal korte en kale proza wezen,

Zoo zonder kunst daar heengezet.

Werd nu mijn goede wil maar voor de daad geprezen,

Dan was mijn Neeflijke – en mijn Dichters eer gered! –

Beknopte prozaïsche – ongesmukte – maar niettemin hartelijke zegen dan op uw voornemen, mijne lieve Oom en Nicht! – Uw terugzien op den dag, die UWelEd. Verbinden zal, zij altoos verzeld van hetzelfde vrolijke gevoel, dat nu een lagchend verschiet in uwe harten verwekken moet. Kalmte en rust, en dat stille huisselijk genoegen, dat zijne bezitters onbenijd en des te zekerder gelukkig maakt, zij uw deel, en uwe liefde zij duurzaam als de ware vriendschap, waarmede ik mij eerbiedig noem,

          WelEdel Geboren Heer Bruidegom!

WelEdele Jonkvrouwe Bruid!

        Mijne Hooggeëerde Oom en Nicht!

U WelEdelens gehoorzaamste en onderdanigste Dienaar en Neef, en teederliefhebbende Vriend,

( w.g. ) A.C.W. STARING.

                     Harderwijk, 9 Oct. 1786.

Staring

 

 

Dit bericht was geplaatst in Verhalen bundel.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *